Terug Gemeenteraad

Mon 15/12/2025 - 20:00 Raadzaal

Goedkeuring notulen

Openbaar

Algemeen bestuur

  • Eedaflegging algemeen directeur

    In de gemeenteraadszitting van 20 oktober 2025 werd de heer Pieter Delbarge aangesteld als algemeen directeur. De heer Pieter Delbarge treedt in dienst op 5 januari 2026.

    Artikel 163 van het decreet over het lokaal bestuur schrijft het volgende voor: ‘Na hun aanstelling leggen de algemeen directeur, de adjunct-algemeendirecteur en de financieel directeur tijdens een openbare vergadering van de gemeenteraad de volgende eed af in handen van de voorzitter: Ik zweer de verplichtingen van mijn ambt trouw na te komen.’

  • Er is iets misgelopen bij het verzenden van de uitnodiging voor de buitengewone algemene vergadering van de Intergemeentelijke Samenwerking Westlede (IGS Westlede) van 2 december 2025. Deze uitnodiging werd pas ontvangen op 24 november 2025. Alhoewel de algemene vergadering reeds plaatshad, vraagt men toch nog een goedkeuring van de agenda.

    Agenda:

    1. Goedkeuring verslag van de algemene vergadering van 24 juni 2025.
    2. Beleidsplan bestuursperiode 2025 - 2030
    3. Begroting 2026.
    4. Varia
  • De gemeente Sint-Martens-Latem maakt deel uit van de Politiezone Schelde - Leie en dient aldus bij te dragen tot de financiering van de zone.

    De begroting van de politiezone 2026 voorziet in een bijdrage van de gemeente Sint-Martens-Latem ten bedrage van:

    • Gewone dienst: 1.916.398 EUR;
    • Buitengewone dienst: 137.878 EUR.

Algemene financiering

  • Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente gelet op de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht in het Meerjarenplan 2026-2031 te handhaven en de bijhorende financiële toestand waarbij het bestuur kiest voor een gezond financieel beleid.

  • De mensen die in de gemeente overnachten in een logiesverstrekkend bedrijf maken gebruik van de gemeentelijke voorzieningen, zodat het gerechtvaardigd voorkomt om in de vorm van een gemeentebelasting een bijdrage te vragen voor de gemeentelijke inzet van middelen voor gemeentelijke dienstverlening en voor de verfraaiing en de veiligheid van de gemeente aan de logiesverstrekkende sector die hieruit specifiek voordeel haalt.


     De jaarlijkse stijging van de inflatie wordt doorgerekend in de loonkost van de administratie door het principe van automatische loonindexering bij het overschrijden van de spilindex gekoppeld aan de gezondheidsindex. De verhoging van de loonkosten zorgt ervoor dat de gemeentelijke dienstverlening duurder wordt. Het is gerechtvaardigd om de financiële tussenkomst van de belastingplichtigen aan te passen aan deze inflatiestijging. Het belastingtarief wordt daarom jaarlijks aangepast aan de evolutie van de gezondheidsindex.


    Het gaat om een belasting die door de exploitant kan worden doorgerekend aan de toerist en die betrekking heeft op elke overnachting in een logiesverstrekkend bedrijf, zoals gastenkamers, B&B’s, hotels, vakantielogies, vakantiewoningen en campings. Met ‘toerist’ wordt elke persoon bedoeld die verblijft op een andere dan zijn alledaagse omgeving. Het gaat dus niet enkel om vrijetijdstoerisme, maar ook om zakenreizen.


    De gemeenteraad dient een nieuw belastingreglement goed te keuren voor de periode 2026-2031.

  • Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente gelet op de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht in het Meerjarenplan 2026 - 2031 te handhaven en de bijhorende financiële toestand waarbij het bestuur kiest voor een gezond financieel beleid.

     

    De gemeente Sint-Martens-Latem heeft een reglement voor vestiging van opcentiemen op de onroerende voorheffing. Dit reglement loopt t.e.m. 31/12/2025. Vanaf aanslagjaar 2026 is het wenselijk om dit reglement te hernieuwen, gezien de hervorming van de gemeentelijke belastingen. Tot op heden bedragen de opcentiemen voor alle partijen 472 opcentiemen. De gemeente Sint-Martens-Latem streeft naar een eerlijke en evenwichtige verdeling van de gemeentelijke fiscaliteit op basis van draagkracht. Daarom past de gemeente een differentiatie van de opcentiemen toe, waardoor de bijdragen proportioneel worden gespreid en beter aansluiten bij de financiële mogelijkheden van verschillende belastingplichtigen. Deze aanpak versterkt het financiële welzijn van de gemeente, maakt de inkomstenstroom voorspelbaar en stabiel, en blijft tegelijk administratief eenvoudig uitvoerbaar. Zo kan Sint-Martens-Latem op een transparante manier haar dienstverlening en investeringen op lange termijn plannen en realiseren. 

     

    De differentiatie wordt mogelijk gemaakt door het decreet van 15 mei 2018, dat artikel 41 van het decreet lokaal bestuur wijzigt, en sinds 2019 toelaat een gedifferentieerd tarief voor de opcentiemen onroerende voorheffing toe te passen. Het getrapt systeem van differentiatie is opgebouwd op basis van het belastbaar kadastraal inkomen (KI). Daardoor dragen de meest kapitaalkrachtigen, in termen van onroerend goed, in verhouding meer bij tot de noden van de samenleving waar ze de dienstverlening en infrastructuur van gebruiken. Het is niet onredelijk om te stellen dat die vraag in de regel ook evenredig toeneemt met het KI, aangezien dit een indicatie van het economisch nut is van het goed. In het getrapt systeem blijft het basistarief op 472 opcentiemen de basis categorie: percelen met een belastbaar kadastraal inkomen kleiner dan 4.000 euro. Categorie 1 omvat percelen met een belastbaar kadastraal inkomen vanaf 4.000 euro en kleiner dan 5.000 euro, waarop een tarief van 610 opcentiemen van toepassing is. Categorie 2 omvat de percelen met een belastbaar kadastraal inkomen groter en gelijk aan 5.000 euro, waarop een tarief van 730 opcentiemen van toepassing is. 

     

  • De gemeente voert een belasting in op de verspreiding van niet-geadresseerd drukwerk en gelijkgestelde producten over de periode 2026 - 2031.

    Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente gelet op de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht in het Meerjarenplan 2026 - 2031 te handhaven en de bijhorende financiële toestand waarbij het bestuur kiest voor een gezond financieel beleid.

     

    Op de openbare wegen komen regelmatig papier van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten terecht. De verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken en gelijkgestelde producten leidt bovendien tot een overbodige grote verhoging van papierafval en tot bijkomende kosten voor de gemeente bij de papierophaling en/of verwerking ervan.

     

    Het beginsel ‘de vervuiler betaalt’ betekent dat de kosten voor maatregelen ter voorkoming, vermindering en bestrijding van verontreiniging en voor het herstellen van schade voor rekening zijn van de vervuiler.

    Een belasting moet effectueerbaar, rendabel en eenvoudig uitvoerbaar zijn, rekening houdende met de kosten verbonden aan de controle, vestiging en inning van de belasting. Vandaar dat de gemeente als één bedelingsgebied wordt beschouwd voor de bepaling van de belastbare grondslag.

     

    De jaarlijkse stijging van de inflatie wordt doorgerekend in de loonkost van de administratie door het principe van automatische loonindexering bij het overschrijden van de spilindex gekoppeld aan de gezondheidsindex. De verhoging van de loonkosten zorgt ervoor dat de gemeentelijke dienstverlening duurder wordt. Het is gerechtvaardigd om de financiële tussenkomst van de belastingplichtigen aan te passen aan deze inflatiestijging. De belastingtarieven worden daarom jaarlijks aangepast aan de evolutie van de gezondheidsindex.

     

    Het is redelijk en objectief gerechtvaardigd om een vrijstelling in te voeren voor de drukwerken vanwege door de gemeente erkende verenigingen, gemeentelijke adviesraden, scholen, overheden, intergemeentelijke samenwerkingsverbanden en politieke partijen, aangezien deze instellingen niet stelselmatig drukwerken verspreiden en deze drukwerken meestal van geringe omvang zijn. De door deze instellingen uitgegeven drukwerken houden veelal een noodzakelijk en rechtstreeks verband met hun socio-culturele aard of onderwijsfunctie, zodat zij een bepaalde taak van gemeentelijke of algemeen belang dan wel van openbaar nut vervullen.

     

    Het is tevens redelijk en objectief gerechtvaardigd om een vrijstelling in te voeren voor enkelbladige drukwerken kleiner dan of gelijk aan A4, aangezien de financiële en ecologische impact veel minder zwaar weegt dan de verspreiding van meerbladige of grotere drukwerken.

     

    De gemeenteraad dient een nieuw belastingreglement goed te keuren voor de periode 2026-2031.

  • Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente gelet op de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht in het Meerjarenplan 2026 - 2031 te handhaven en de bijhorende financiële toestand waarbij het bestuur kiest voor een gezond financieel beleid.

     

    Bij het (her)bouwen, verbouwen en uitbreiden van constructies in de gemeente, wordt intensief gebruik gemaakt van het openbaar wegennetwerk voor het af- en aanvoeren van bouwmateriaal. Dit leidt tot schade aan de wegen die de gemeente moet (laten) herstellen. Het is dan ook gerechtvaardigd de aanvrager van de omgevingsvergunning een bijdrage te vragen voor de gemeentelijke inzet van middelen voor de aanleg, herstellingen en onderhoud van de openbare wegen. 

     

    De gemeenteraad vindt het hierbij billijk rekening te houden met de financiële draagkracht van de aanvrager van een omgevingsvergunning zoals die blijkt uit het volume van de aangevraagde nieuwbouw of verbouwing. Bovendien is er een directe link te leggen tussen de grootte van het volume en de intensiteit waarmee het openbaar wegennetwerk hiervoor wordt gebruikt. Omdat het bouwen van ondergrondse bouwlagen (zwembad, kelder) een grote impact heeft op de omgeving (o.m. door bronbemaling), wordt een apart hoog tarief voorzien op het volume van deze bouwlagen.

     

    De jaarlijkse stijging van de inflatie wordt doorgerekend in de loonkost van de administratie door het principe van automatische loonindexering bij het overschrijden van de spilindex gekoppeld aan de gezondheidsindex. De verhoging van de loonkosten zorgt ervoor dat de gemeentelijke dienstverlening duurder wordt. Het is gerechtvaardigd om de financiële tussenkomst van de belastingplichtigen aan te passen aan deze inflatiestijging. De belastingtarieven worden daarom jaarlijks aangepast aan de evolutie van de gezondheidsindex.

     

    De in het reglement opgenomen vrijstelling voor openbare instellingen, maatwerkbedrijven en sociale huisvesting is te verantwoorden gezien het maatschappelijk nut van deze instellingen en het feit dat zij zonder winstbejag een doel van menslievendheid of maatschappelijk nut nastreven. 

     

    De gemeenteraad dienst een nieuw belastingreglement goed te keuren voor de periode 2026 - 2031.

  • Het is redelijk dat alle gezinnen en economische entiteiten bijdragen tot de financiële behoeften van de gemeenten gezien deze allen genieten van de gemeentelijke dienstverlening. De gezinnen dragen bij tot de gemeentelijke financiën via de aanvullende personenbelasting, in tegenstelling tot economische entiteiten.

    De economische waarde (nl. de verhuurprijs) van bedrijfsvestigingen is verschillend naargelang de bestemming en het gebruik. Het is dan ook redelijk, in functie van het gelijkheidsbeginsel, daarom een onderscheid te maken naargelang de economische draagkracht.

    De bestemming van een bedrijfsgebouw is bepalend voor het beslag dat gelegd wordt op de publieke ruimte en die inrichting van het openbaar domein, in het bijzonder voor wat betreft het parkeren. Dit gebruik van het openbaar wegennetwerk leidt tot schade aan de wegen die de gemeente moet (laten) herstellen.  Het is dan ook gerechtvaardigd de economische entiteiten een bijdrage te vragen voor de gemeentelijke inzet van middelen voor de aanleg, herstellingen en onderhoud van de openbare wegen. Het is daarom redelijk en billijk hiermee rekening te houden bij het bepalen van de aanslagvoet.

    De gemeenteraad dient een nieuw belastingreglement goed te keuren voor de periode 2026-2031.

     

  • Teneinde de problematiek van leegstand in de regio beter te coördineren is het lokaal bestuur op 16 september 2019 toegetreden tot de Interlokale vereniging ‘Wonen Leie & Schelde’Om de leegstand in Sint-Martens-Latem aan te pakken, dient er een leegstandsregister te zijn en bijgevolg een registerreglement waarin de voorwaarden en vrijstellingen worden vastgelegd.

    Leegstaande woningen en gebouwen zorgen op diverse manieren voor overlast. Daarnaast zijn leegstaande woningen niet beschikbaar voor de woningenmarkt. Leegstand vormt ook één van de meest hinderlijke elementen in het straatbeeld van een handels- en of dorpskern en omliggende straten. Het beïnvloedt op negatieve wijze de aantrekkelijkheid van een gemeente doordat een desolate indruk wordt gecreëerd.

  • Verwaarloosde woningen en gebouwen zorgen op diverse manieren voor overlast. Verwaarlozing is veelal een voorbode van leegstand en verkrotting.  Systematische verwaarlozing zal dan ook meer lasten voor de lokale overheid met zich meebrengen onder de vorm van grotere politionele inzet, bestrijden van sluikstorten, overlast, nemen van maatregelen om de aantrekkelijkheid van de gemeente te behouden of te verbeteren.

     

    Verwaarlozing vormt ook één van de meest hinderlijke elementen in het straatbeeld van een handels- en of dorpskern en omliggende straten. Het beïnvloedt op negatieve wijze de aantrekkelijkheid van een gemeente doordat een desolate indruk wordt gecreëerd.


    Teneinde de problematiek van verwaarlozing in de regio beter te coördineren is de gemeente op 16 september 2019 toegetreden tot de Interlokale vereniging ‘Wonen Leie & Schelde’ met werkgebied Nazareth-De Pinte, Gavere, Merelbeke-Melle, Destelbergen en Sint-Martens-Latem.


    Om de verwaarlozing in Sint-Martens-Latem aan te pakken, dient er een verwaarlozingsbelasting te zijn en bijgevolg een registerreglement waarin de voorwaarden en vrijstellingen worden vastgelegd.

  • Leegstaande woningen en gebouwen zorgen op diverse manieren voor overlast. Leegstand is veelal een voorbode van verwaarlozing en verkrotting. Langdurige leegstand zal dan ook meer lasten voor de lokale overheid met zich meebrengen onder de vorm van grotere politionele inzet, bestrijden van sluikstorten, overlast, nemen van maatregelen om de aantrekkelijkheid van de gemeente te behouden of te verbeteren. Daarnaast zijn leegstaande woningen niet beschikbaar voor de woningenmarkt. Er is reeds een druk op de woningenmarkt, waardoor de huur- en verkoopprijzen hoog blijven. Tevens blijkt dat een grote groep mensen in de onmogelijkheid is om een betaalbare woning te vinden.

     

    Teneinde de problematiek van leegstand in de regio beter te coördineren is de gemeente op 16 september 2019 toegetreden tot de Interlokale vereniging ‘Wonen Leie & Schelde’ met werkgebied Nazareth-De Pinte, Gavere, Merelbeke-Melle, Destelbergen en Sint-Martens-Latem.

     

    Om de negatieve effecten van leegstand tegen te gaan wenst het lokaal bestuur een belasting te heffen op woningen en gebouwen opgenomen in het leegstandsregister.

     

    De jaarlijkse stijging van de inflatie wordt doorgerekend in de loonkost van de administratie door het principe van automatische loonindexering bij het overschrijden van de spilindex gekoppeld aan de gezondheidsindex. De verhoging van de loonkosten zorgt ervoor dat de gemeentelijke dienstverlening duurder wordt. Het is gerechtvaardigd om de financiële tussenkomst van de belastingplichtigen aan te passen aan deze inflatiestijging. De belastingtarieven worden daarom jaarlijks aangepast aan de evolutie van de gezondheidsindex.

  • Verwaarloosde woningen en gebouwen zorgen op diverse manieren voor overlast. Verwaarlozing is veelal een voorbode van leegstand en verkrotting. Systematische verwaarlozing zal dan ook meer lasten voor de lokale overheid met zich meebrengen onder de vorm van grotere politionele inzet, bestrijden van sluikstorten, overlast, nemen van maatregelen om de aantrekkelijkheid van de gemeente te behouden of te verbeteren. Verwaarlozing vormt ook één van de meest hinderlijke elementen in het straatbeeld van een handels- en of dorpskern en omliggende straten. Het beïnvloedt op negatieve wijze de aantrekkelijkheid van een gemeente doordat een desolate indruk wordt gecreëerd.

     

    Teneinde de problematiek van verwaarlozing in de regio beter te coördineren is de gemeente op 16 september 2019 toegetreden tot de Interlokale vereniging ‘Wonen Leie & Schelde’ met werkgebied Nazareth-De Pinte, Gavere, Merelbeke-Melle, Destelbergen en Sint-Martens-Latem.

     

    Om de negatieve effecten van verwaarlozing tegen te gaan wenst het lokaal bestuur een belasting te heffen op woningen en gebouwen opgenomen in het verwaarlozingsregister.

    Verwaarlozing bij gebouwen veroorzaakt bovendien een sneeuwbaleffect waardoor de aantrekkelijkheid voor handelsfuncties, dienstverlening of detailhandel en horeca in bepaalde buurten verzwakt. Verwaarloosde gebouwen hebben hierdoor een nog grotere negatieve impact op de aantrekkelijkheid van de gemeente (o.a. door het wegblijven van bezoekers, door de afwezigheid van personeel in kantoorgebouwen) dan verwaarloosde woningen. De gemeente opteert dan ook om voornoemde redenen een hoger tarief in te voeren voor verwaarloosde gebouwen dan voor verwaarloosde woningen.

     

    De jaarlijkse stijging van de inflatie wordt doorgerekend in de loonkost van de administratie door het principe van automatische loonindexering bij het overschrijden van de spilindex gekoppeld aan de gezondheidsindex. De verhoging van de loonkosten zorgt ervoor dat de gemeentelijke dienstverlening duurder wordt. Het is gerechtvaardigd om de financiële tussenkomst van de belastingplichtigen aan te passen aan deze inflatiestijging. De belastingtarieven worden daarom jaarlijks aangepast aan de evolutie van de gezondheidsindex.

  • Het belastingreglement op woningen zonder inschrijving in het bevolkings- of vreemdelingenregister is de nieuwe naam voor het voormalige belastingreglement op de tweede verblijven. Dit reglement is afgestemd op de belastingreglementen op leegstand en verwaarlozing.

     

    De gemeenteraad heeft het nuttig geoordeeld de door dit reglement beoogde woningen die bewoond worden zonder inschrijving in het bevolkings- of vreemdelingenregister te belasten teneinde zich aanvullende inkomsten te verschaffen ter financiering van de uitgaven van algemeen nut waaraan de gemeente het hoofd dient te bieden. Deze belasting is dus nodig omwille van de financiële toestand van de gemeente en de noodzaak om het budget in evenwicht te houden.

    Aan de hand van deze belasting zullen de zakelijk gerechtigden van woningen, bewoond maar zonder inschrijving in het bevolkings- of vreemdelingenregister, die gebruik maken van de gemeentelijke diensterlening bijdragen in de uitgaven van de gemeente.

     

    De jaarlijkse stijging van de inflatie wordt doorgerekend in de loonkost van de administratie door het principe van automatische loonindexering bij het overschrijden van de spilindex gekoppeld aan de gezondheidsindex. De verhoging van de loonkosten zorgt ervoor dat het aanbieden van de gemeentelijke voorzieningen duurder wordt. Het is gerechtvaardigd om de financiële tussenkomst van de belastingplichtigen aan te passen aan deze inflatiestijging. Het belastingtarief wordt daarom jaarlijks aangepast aan de evolutie van de gezondheidsindex.

  • De gemeente kiest ervoor om volgens het principe 'de gebruiker / vervuiler betaalt', de decretaal voorziene maximale verbruikstarieven toe te passen voor de saneringsbijdrage en -vergoeding. Daarom is in het Meerjarenplan 2026 - 2031 budgettair uitgegaan van de toepassing van de decretaal voorziene maximale tarieven voor de gemeentelijke saneringsbijdrage en -vergoeding, berekend door de tarieven voor de bovengemeentelijke saneringsbijdrage van het jaar te vermenigvuldigen met een vermenigvuldigingscoëfficiënt (momenteel 1,15).

    Farys vraagt jaarlijks een principieel akkoord voor de gemeentelijke bijdrage. Het college wordt daarom gedelegeerd om Farys voor de periode 2026 - 2031 jaarlijks te bevestigen dat de decretaal voorziene maximale tarieven mogen worden toegepast. 

  • De gemeente en haar burgers worden voortdurend geconfronteerd met de plaatsing van en/of onderhoud aan verschillende nutsvoorzieningen op gemeentelijk grondgebied.

    Deze nutsvoorzieningen vergen werkzaamheden langs de gemeentelijke wegen en hebben aldus een impact op het openbaar domein.

    De gemeente gaf goedkeuring aan de Code voor Infrastructuur- en Nutswerken langs gemeentewegen die tot doel heeft een snelle en vlotte uitvoering van de werken te bevorderen, teneinde de hinder en de duur van de werken tot een minimum te herleiden.

    Deze Code werd opgemaakt door een overlegplatform bestaande uit een delegatie van nutsbedrijven en een delegatie van de gemeenten. Deze Code is geactualiseerd naar aanleiding van meer aandacht voor minder hinder, meer oog voor het totaal concept en het gebruik van nieuwe e-instrumenten GIPOD, KLIP...

    Op het vlak van het onderhoud en de herstellingen moeten ook geregeld dringende werken worden uitgevoerd die verband houden met de continuïteit van de dienstverlening en daarnaast zijn er een aantal werken zoals aansluitingswerken, herstellingen en andere kleine onderhoudswerken die omzeggens constant een impact hebben op het openbaar domein.

    Voor deze activiteiten wordt steeds een retributie toegepast. De retributie wordt voor de komende drie jaar geactualiseerd op het vlak van tarieven na overleg tussen een delegatie van nutsbedrijven en een delegatie van gemeenten.

  • De kostprijs van het debiteurenbeheer wil het lokaal bestuur in de mate van het mogelijke verhalen op de wanbetalers, zodat niet alle burgers moeten bijdragen aan de kosten die gemaakt moeten worden voor een (kleine) groep slechte betalers. Hierbij wordt gewaakt over de (wettelijke) doelstelling van bestrijding en voorkoming van armoede.

    Als een burger die van goede wil is betalingsmoeilijkheden ondervindt, zal hij of zij steeds de kans krijgen om een betalingsregeling af te spreken.

    De invorderingsprocedure mag niet leiden tot een opeenstapeling van kosten. De verzending van de schuldvordering gebeurt zonder aanrekening van kosten. Daarnaast zal een eerste niet-aangetekende aanmaning gratis worden verstuurd vooraleer een tweede en derde aanmaning worden verstuurd waar kosten aan verbonden zijn. In de volgende stappen van invordering (bevel tot betaling, derdenbeslag, hypothecaire inschrijving) worden administratieve kosten aangerekend bovenop de eventuele gerechtsdeurwaarderskosten en andere reële kosten.

    Bij betaling worden eerst de administratiekosten aangezuiverd en vervolgens de hoofdsom van de schuldvordering.

    Om de kans op invordering te maximaliseren wordt voorzien dat de financieel directeur indien nodig kan afwijken van deze procedure in een specifiek dossier.

  • De kostprijs van het debiteurenbeheer wil het lokaal bestuur in de mate van het mogelijke verhalen op de wanbetalers, zodat niet alle burgers moeten bijdragen aan de kosten die gemaakt moeten worden voor een (kleine) groep slechte betalers. Hierbij wordt gewaakt over de (wettelijke) doelstelling van bestrijding en voorkoming van armoede.

    Als een burger die van goede wil is betalingsmoeilijkheden ondervindt, zal hij of zij steeds de kans krijgen om een betalingsregeling af te spreken.

    De invorderingsprocedure mag niet leiden tot een opeenstapeling van kosten. De verzending van de schuldvordering gebeurt zonder aanrekening van kosten. Daarnaast zal een eerste niet-aangetekende aanmaning gratis worden verstuurd vooraleer een tweede en derde aanmaning worden verstuurd waar kosten aan verbonden zijn. In de volgende stappen van invordering (dwangbevel, derdenbeslag, hypothecaire inschrijving) worden administratieve kosten aangerekend bovenop de eventuele gerechtsdeurwaarderskosten en andere reële kosten.

    Bij betaling worden eerst de administratiekosten aangezuiverd en vervolgens de hoofdsom van de schuldvordering.

    Om de kans op invordering te maximaliseren wordt voorzien dat de financieel directeur indien nodig kan afwijken van deze procedure in een specifiek dossier.

  • Conform de omzendbrief is het meerjarenplan 2026-2031 opgesplitst in vier grote onderdelen: de strategische nota, de financiële nota, de toelichting en de documentatie.

     

    De strategische nota omvat de beleidsverklaring, het overzicht met de beschrijving van de beleidsdoelstellingen en de prioritaire acties.

     

    De financiële nota omvat het financieel doelstellingenplan (schema M1), de staat van het financieel evenwicht (M2) en het overzicht van de kredieten (M3).

     

    De toelichting omvat het overzicht van de ontvangsten en uitgaven volgens beleidsdomein (T1) en volgens economische aard (T2), het overzicht van de financiële schulden (T3), het overzicht van de investeringen, het personeel, de verbonden entiteiten en de financiële risico's. Tenslotte valt de beschrijving van de grondslagen en assumpties hieronder.

     

    De documentatie omvat de omgevingsanalyse, het overzicht van alle beleidsdoelstellingen, actieplannen en acties die in het meerjarenplan zijn opgenomen, het overzicht van de toegestane werkings- en investeringssubsidies, de beleidsdomeinen en bijhorende beleidsvelden, het overzicht van de jaarlijkse uitgaven en ontvangsten per beleidsveld en de jaarlijkse opbrengst per soort van belasting en retributie die het bestuur heft.

     

    Uit de financiële nota blijkt dat het Meerjarenplan 2026-2031 financieel in evenwicht is. Het Meerjarenplan 2026-2031 omvat de beginkredieten 2026.

     

    Artikel 249 van het decreet over het lokaal bestuur bepaalt: 'De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn stemmen over hun deel van elk beleidsrapport. Nadat de raden zo het beleidsrapport elk voor hun deel hebben vastgesteld, keurt de gemeenteraad het deel van het beleidsrapport zoals vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn goed. Door die goedkeuring wordt het beleidsrapport in zijn geheel geacht definitief vastgesteld te zijn.'

  • Zoals bepaald in artikel 249 §3 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, keurt de gemeenteraad het deel van het beleidsrapport zoals vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn goed. Door die goedkeuring wordt het beleidsrapport in zijn geheel geacht definitief vastgesteld te zijn.

Grondgebiedzaken

  • IVM (Intergemeentelijke opdrachthoudende Vereniging voor huisvuilverwerking Meetjesland) doet een voorstel om ‘tijdelijk’ vaste camera’s te plaatsen op het grondgebied van Sint-Martens-Latem, teneinde de strijd tegen sluikstorten en zwerfvuil aan te pakken.

    IVM stelde een voorbereidend dossier samen op datum 4 november 2025, opgesteld conform de bepalingen van de Ministeriële Omzendbrief betreffende de Wet van 21 maart 2007 tot regeling van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera's, art. 2.1 (deze Omzendbrief wordt niet opgeheven na de wetswijzigingen van 2018); bij dit voorbereidend dossier wordt tevens een Gegevensbeschermingseffectbeoordeling gevoegd (in uitvoering van art 35.1 AVG) door het bestuur.

    De camera’s worden geplaatst aan glasbollen en op ‘hotspots’ waar zwerfvuil en sluikstort frequent worden vastgesteld.

    Het plaatsen van deze tijdelijk vaste (verplaatsbare) camera’s hebben volgend doel:

    -       Afschrikken van potentiële daders;

    -       Voorkomen, vaststellen en bewijzen verzamelen van overlast;

    -       Verschaffen van informatie die de politie in staat stelt bedoelde overlast en misdrijven op te sporen en te vervolgen;

    -       Verhogen pakkans van de daders van die misdrijven bij de bestrijding van zwerfvuil en sluikstorten;

    -       Daders, verstoorders van de openbare orde, getuigen of slachtoffers opsporen en identificeren;

    -       Optimaliseren van de ingezette preventieve maatregelen;

    IVM treedt op als verwerker van de beelden en zal instaan voor:

    -       Het plaatsen van de camera’s

    -       Het bekijken en verwerken van de beelden, handelend onder verantwoordelijkheid van de gemeente (verwerkingsverantwoordelijke) en overeenkomstig de GAS-wet

    -       Het opmaken van een GAS-dossier waar mogelijk of overmaken van de beelden aan de lokale politie indien nodig

    De afspraken hieromtrent tussen het lokaal bestuur, de lokale politie en IVM worden verankerd in een overeenkomst.

  • Het lokaal bestuur pleit reeds tientallen jaren voor de aanleg van veilige fietspaden langs de N437 (Klapstraat) en stond als opdrachtgevend bestuur in 1996 in voor de realisatie van fietspaden in het deel tussen de rotonde aan de N43 en de spoorwegovergang. Ondanks alle geleverde inspanningen over de jaren heen en alhoewel het onteigeningsplan reeds ter ondertekening ligt werd de aanleg van het ontworpen fietspad in het deel voorbij de spoorwegovergang tot en voorbij de grens met de gemeente Nazareth-De Pinte niet opgenomen in het ontwerp 'Geïntegreerd Investeringsprogramma Mobiliteit en Openbare Werken' van de Vlaamse overheid. Met de goedkeuring van een motie ijvert het lokaal bestuur voor de opname van van het fietspadenproject langs de N437 (Klapstraat).

Vrije tijd

Besloten