Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 32.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 32, 277 en 278.
Het zittingsverslag werd vervangen door een audio-opname die beschikbaar wordt gesteld op de website.
Enig artikel. Keurt de notulen en het zittingsverslag van de gemeenteraadszitting van 15 december 2025 goed.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikelen 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikelen 302 en 303, betreffende het klachtenbehandelingssysteem.
Het Decreet houdende instelling van de Vlaamse Ombudsdienst.
Lokaal klachtenreglement, goedgekeurd door de gemeenteraad op 22 november 2021.
Het Decreet over het Lokaal Bestuur verplicht de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn om bij reglement een systeem van klachtenbehandeling te organiseren.
Tijdens de gemeenteraad van 20 oktober 2025 werd de verlenging van de samenwerkingsovereenkomst goedgekeurd tussen de gemeente en de Lokale Kamer van de Vlaamse Ombudsdienst. De Vlaamse Ombudsdienst legt thans een nieuwe overeenkomst voor waarbij de bijdrage van de gemeente wordt verhoogd van 5 eurocent per inwoner naar 10 eurocent per inwoner. Deze aanpassing kwam er op uitdrukkelijke vraag van het Uitgebreid Bureau van het Vlaams Parlement en niet op initiatief van de Vlaamse Ombudsdienst en gaat in vanaf 1 juli 2026.
Artikel 1. De samenwerkingsovereenkomst met de Vlaamse Ombudsdienst wordt goedgekeurd.
Art. 2. Deze overeenkomst wordt als bijlage toegevoegd aan onderhavig besluit.
Het decreet over het lokaal bestuur, inzonderheid artikel 56 §1.
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, artikel 5.6.10 tot en met 5.6.12.
De Vlaamse Codex Wonen van 2021, artikel 5.97.
Besluit van de Vlaamse Regering van 15 september 2023 tot vaststelling van nadere regels voor aanvragen, adviezen en beslissingen over de vrijgave van woonreservegebieden.
De aanvraag van IMRODER dd. 9 december 2024 tot overleg over een gedeeltelijke vrijgave van een woonuitbreidingsgebied. De aanvraag heeft betrekking op percelen aan de Xavier De Cocklaan met huisnummer 52 tot en met 60. De projectzone is actueel bebouwd en omvat de functies wonen, handel en horeca. Het nieuwbouwproject heeft als uitgangspunt het samenvoegen van de verschillende kleinere percelen tot één geheel voor de ontwikkeling van een gemengd project (bewoning, kantoor en parkeren) in één volume. De vrijgave wordt gevraagd in functie van een meergezinswoning van drie bouwlagen, waarvan de 2 bovenste teruggetrokken. Het programma bestaat uit kantoren op het gelijkvloers, 14 wooneenheden op de verdiepingen en een ondergrondse parking met bergingen en fietsenstallingen.
Voor het perceel rechts van de site werd op 5 februari 2024 een omgevingsvergunning verleend voor de renovatie en de uitbreiding van een bedrijfsgebouw en een woning naar bedrijvigheid met twee appartementen, ref. OMV_2023127998. De bebouwing langs de steenweg rechts en links van de projectsite is gevat in een verkavelingsvergunning voor gebouwen voor commerciële en/of handelsdoeleinden, ref. 1988_125 en 1989-158 (1032_003). Aan de achterzijde is de ordening eveneens geregeld in een verkaveling voor eengezinswoningen in open bebouwing, ref. 1992-158 (1040_001). Bijgevolg kan er geconcludeerd worden dat er ten gevolge van voorliggende vrijgave geen restzones woonuitbreidingsgebied meer zijn en dat het aaneensluitende woonuitbreidingsgebied ten noorden van de N43 volledig geordend is.
Het verslag van het overleg van 27 februari 2025 inzake de vrijgave van een woonuitbreidingsgebied op initiatief van Imroder wordt als bijlage gevoegd bij dit besluit.
1) Gewenst ruimtelijk beleid
Het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (BRV, strategische visie 2018) stelt als eerste strategische doelstelling het terugdringen van bijkomend ruimtebeslag voorop, met een nulgroei tegen 2040. Om deze doelstelling te kunnen waarmaken is het verhogen van het ruimtelijk rendement noodzakelijk. Vlaanderen wil het ruimtelijk rendement verhogen en een zorgvuldig ruimtegebruik bestendigen door een geschikte, elkaar versterkende, combinatie van intensivering, verweving (inclusief gemeenschappelijk gebruik), hergebruik en tijdelijk ruimtegebruik. De projectsite is gelegen binnen de afbakeningslijn van het Grootstedelijk gebied Gent (RUP_02000_212_00126_00001). Voorliggend project hergebruikt bestaande bebouwde ruimte en beoogt een hoger ruimtelijk rendement.
Het Provinciaal Beleidsplan Ruimte Oost-Vlaanderen bevat 4 strategische doelstellingen, meer bepaald (1) klimaatgezond zijn, (2) duurzame maatschappelijke groei realiseren, (3) circulair en geïntegreerd denken en handelen en (4) biodiversiteit en ecosysteemdiensten versterken. Aan de hand van 8 kernwaarden wordt een houvast voorzien voor het toekomstig ruimtelijk beleid van de Provincie Oost-Vlaanderen. Het provinciaal ruimtelijke beleid zal deze kernwaarden verder invullen en hun aanwezigheid in de toekomstige plannen garanderen. Binnen het voorontwerp beleidsplan Ruimte Sint-Martens-Latem worden geen uitspraken gedaan die deze acht kernwaarden tegenspreken (zie verder).
Het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan Sint-Martens-Latem (2006) bevat volgend ruimtelijk concept voor de steenweg: ‘De steenweg functioneert als drager voor activiteiten op bovenlokaal niveau. Tegelijk krijgt de strip op gemeentelijk niveau een scharnierfunctie. De relaties met de gebieden ten noorden en ten zuiden van de steenweg worden versterkt om de barrièrewerking te milderen. Hiervoor wordt gestreefd naar een gedifferentieerde ontwikkeling van de strip. Op strategische scharnierpunten worden de lokale functies benadrukt. Wonen moet een belangrijke functie langs de steenweg blijven. De samenhang tussen beide delen van de gemeente aan weerszijden van de strip wordt zo versterkt. Aldus wordt vermeden dat de gemeente doorsneden wordt door een volledig verstedelijkte as die geen enkele relatie heeft met de lokale structuur. De steenweg maakt wezenlijk onderdeel uit van de lokale ruimtelijke structuur.’ Dit concept wordt in het richtinggevend gedeelte doorvertaald in doelstellingen en acties.
In het voorontwerp beleidsplan ruimte Sint-Martens-Latem van maart 2024 is het de ambitie om de steenweg te transformeren tot een groene woon- en winkelboulevard. Concreet worden volgende doelstellingen geformuleerd: een verdichting en diversificatie van het woon- en winkelaanbod; het creëren van een aangename steenwegomgeving door middel van ontharden, vergroenen en een focus op veiligheid; het opheffen van de barrièrewerking; de creatie van herkenbare poorten en het creëren van gebruiksvriendelijke last-mile verbindingen met het station De Pinte en Gent en het uitbouwen van mobipunten.
Het project sluit in het bijzonder aan op de doelstelling inzake de diversificatie van het woonaanbod, hierna verder uiteengezet (selectie): ‘Het woonkarakter van de Kortrijksesteenweg raakte doorheen de jaren steeds verder op de achtergrond, waardoor de barrièrewerking ervan toe kon nemen. De steenweg vormt de meest kansrijke locatie om te verdichten: ze biedt een uitstekende multimodale verbinding met de omliggende kernen en vervoersknooppunten, én ze bevindt zich in nabijheid van uiteenlopende voorzieningen. De steenweg vormt een interessant weefsel om een woonaanbod te creëren dat op vandaag niet (of amper) aanwezig is in Sint-Martens-Latem. Op deze hoogdynamische as kan dus sterk worden ingezet op meer compacte woningen, op woningen voor kleinere gezinnen, op woningen in een meer collectief (gedeeld) ruimtelijk kader, ... zonder daarbij in te boeten op de hoge woonkwaliteit in de gemeente.’
Commerciële activiteiten worden gereduceerd tot het gelijkvloers zodat wonen een prominente plaats krijgt in het project en het project bijdraagt aan de realisatie van voormelde verdichting. Inzake terreinbezetting (verhardingsgraad) wordt rekening gehouden met de lokale richtlijn aandachtspunten en criteria van een goede ruimtelijke ordening.
Het project geeft invulling aan de generieke verdichtingsopgave zonder schaalbreuk met de directe omgeving. De woontypologie die gerealiseerd wordt is ondervertegenwoordigd in de gemeente en op basis van de demografische prognoses wordt verwacht dat de nood aan kleinere wooneenheden verder zal toenemen. De integratie van een woonprogramma is de hefboom voor meer kwalitatieve architectuur, het behoud en de versterking van groenelementen en het begrenzen van de verhardingsgraad (ruimtelijke kwaliteit). Op basis van voormelde wordt geconcludeerd dat het project beantwoordt een de doelstellingen van de ruimtelijke ordening.
2) Waterhuishouding
Het bekkenspecifiek deel Leiebekken van de stroomgebiedbeheerplannen Schelde en Maas 2022-2027, vastgesteld op 1 juli 2022, bevat geen specifieke acties die betrekking hebben op deze aanvraag. De implementatie van de algemene maatregelen en acties voor een verbetering van het grondwater en oppervlaktewater en voor de bescherming tegen overstromingen en droogte is geïntegreerd in het instrument van de watertoets.
Het projectgebied ligt conform de watertoetskaart (2023) in een zone waar geen overstromingen als gevolg van stormopzet, als gevolg van lokale intense neerslag en als gevolg van rivieroverstromingen werden gemodelleerd. Bijgevolg worden er geen nadelige effecten op het overstromingsregime verwacht.
Inzake nuttig hergebruik van hemelwater en de infiltratie ervan naar het grondwater worden de nodige maatregelen conform de Vlaamse Hemelwaterverordening getroffen. Bijgevolg worden er (op basis van deze principeaanvraag) geen betekenisvolle nadelige effecten op het afstromingsregime en de infiltratie naar het grondwater verwacht.
De aanvraag voorziet de plaatsing van een gescheiden rioleringsstelsel (DWA/RWA) waarvan de vuilwaterriolering aangesloten wordt op de openbare riolering (centraal gebied). Bijgevolg worden er geen betekenisvolle nadelige effecten op de oppervlaktewaterkwaliteit verwacht.
Voorliggende aanvraag heeft een invloed op het watersysteem. Eventuele schadelijke effecten worden in de aanvraag beperkt en/of gecompenseerd zodat in het bijzonder voldaan wordt aan het standstillbeginsel. Het ontwerp is verenigbaar met de beginselen en de doelstellingen van het decreet Integraal Waterbeleid.
3) Realisatie van het bindend sociaal objectief
Het resterend objectief werd na aftrek van de projecten Moeistraat en Brandstraat vastgesteld op 23 sociale woningen. Beide projecten zitten in de fase van de omgevingsvergunningsaanvraag. Voorts heeft de gemeente concrete plannen voor het bouwen van 12 sociale woningen aan Priesterage.
De verloederde site is een private eigendom. De ontwikkelaar is geen sociale huisvestingsmaatschappij. Er gaat een vergunningenhistoriek aan dit dossier vooraf waarbij er lokaal overeenstemming was over de invulling. Als gevolg van de gewijzigde Vlaamse regelgeving (stolp) kon het project niet meer via de normale weg vergund worden. De focus ligt op de beeldkwaliteit en het versterken van de woonfunctie op de steenweg.
In het verleden is al gebleken dat sociale huisvestingsmaatschappijen geen woongelegenheden wensen in een groter geheel in mede-eigendom. In overleg met de aanvrager wordt een last opgelegd tot het verhuren van 2 wooneenheden aan de woonmaatschappij ergens op het grondgebied van de gemeente (zie veder). Indien er niet tijdig een omgevingsvergunning wordt aangevraagd, is de aanvrager ertoe gehouden om de last te realiseren binnen het vrijgegeven woonuitbreidingsgebied.
De site die vrijgegeven wordt is kleiner dan een halve hectare. Bijgevolg is het objectief inzake bescheiden woonaanbod niet van toepassing (Vlaamse Codex Wonen 2021, artikel 5.97).
4) Milieubeoordeling
Er werd een plan-MER screening opgesteld door Embridge dd. 13 mei 2025 waarin geconcludeerd wordt dat er ten gevolge van de ontwikkeling van het voorgenomen stadsontwikkelingsproject te Sint-Martens-Latem geen aanzienlijke effecten zullen optreden en er dus geen milieueffectenrapport (project-MER) dient te worden opgesteld.
Er werd een Stikstoftoets opgesteld door Embridge dd. 13 mei 2025 waarin geconcludeerd wordt dat ten gevolge van voorliggend project te Sint-Martens-Latem de 1% de-minimisdrempel niet zal worden overschreden tijdens zowel de afbraak-/aanleg-/werffase als de gebruiks-/exploitatiefase en de effecten op vlak van biodiversiteit bijgevolg verwaarloosbaar zullen zijn. Voor geen enkel habitattype binnen de contouren van de VEN wordt de drempelwaarde van 1% de-minimisdrempel voor deposities afkomstig uit verkeersbronnen, stationaire bronnen of stookinstallaties overschreden (conform het Stikstofdecreet). Op basis van deze resultaten is geen verder gedetailleerd onderzoek, zoals een passende beoordeling, nodig.
De beslissing over de plan-MER-plicht van de Vlaamse Overheid, Departement Omgeving, Afdeling Gebiedsontwikkeling, Omgevingsplanning en –projecten, Team Omgevingseffecten Milieueffectrapportage dd. 18 december 2025 wordt als bijlage gevoegd bij dit besluit (ref. SCRVW25007).
5) Voorwaarden en lasten
In overleg en na schriftelijk akkoord van de aanvrager wordt een last opgelegd tot het verhuren van 2 wooneenheden op het grondgebied van de gemeente aan de woonmaatschappij (Dimensa).
Een aanvraag tot omgevingsvergunning zal getoetst worden aan de verordenende regels die van toepassing zijn op de site alsook aan de gemeentelijke richtlijn ‘Lokale aandachtspunten en criteria van een goede ruimtelijke ordening. In het geval een aanvraag hier niet aan voldoet, kunnen vergunningsvoorwaarden opgelegd worden.
Artikel 1: De vrijgave van het woonuitbreidingsgebied gelegen langs de Xavier De Cocklaan, bestaande uit de percelen met de huisnummers 52 tot en met 60 wordt voorlopig vastgesteld.
Art. 2: Volgende last wordt opgelegd:
De aanvrager verhuurt in Sint-Martens-Latem 2 wooneenheden voor minstens 9 jaar aan de woonmaatschappij Dimensa. In geval van een nieuwbouwproject wordt de omgevingsvergunning aangevraagd binnen een termijn van 2 jaar nadat het woonuitbreidingsgebied is vrijgegeven. Indien er niet tijdig een omgevingsvergunning wordt aangevraagd, is de aanvrager ertoe gehouden om de last te realiseren binnen het vrijgegeven woonuitbreidingsgebied.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, inzonderheid artikel 41, 13°, artikel 304 §3 en artikel 271.
De gecodificeerde decreten Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009, laatst gewijzigd bij decreet van 7 december 2018, inzonderheid artikel 1.1.3 en 1.3.4.
Het besluit van de gemeenteraad van 19 februari 2001 houdende oprichting van een gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening.
Het besluit van de gemeenteraad van 24 februari 2025 houdende de samenstelling van de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening.
Het besluit van de gemeenteraad van 23 juni 2025 houdende de benoeming van de leden van de GECORO.
De voorzitter van de GECORO werd op 20 november 2025 door Natuurpunt Gent per mail op de hoogte gesteld van het ontslag van de heer Frederik Van Vlaenderen als effectief lid in de GECORO. Natuurpunt draagt de heer Bert Ringoot voor als nieuwe kandidaat voor dit mandaat.
Bert Ringoot is landschapsarchitect en stedenbouwkundige, werkzaam bij Agentschap Natuur en Bos en was GECORO-lid te Opwijk.
met 19 ja stemmen, 0 neen stemmen en 0 onthoudingen.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt kennis van het ontslag van de heer Frederik Van Vlaenderen, effectief lid voor de maatschappelijke geleding vertegenwoordigd door één of meer natuurverenigingen.
Art. 2
Wordt benoemd als effectief lid van de GECORO voor de maatschappelijke geleding vertegenwoordigd door één of meer natuurverenigingen: de heer Bert Ringoot.
Art. 3
Dit besluit treedt in werking nadat de toezichttermijn, vermeld in artikel 332 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, is verstreken.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, inzonderheid artikel 41, 13°.
De gecodificeerde decreten Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009, laatst gewijzigd bij decreet van 7 december 2018, inzonderheid artikel 1.3.3. §3.
Het besluit van de gemeenteraad van 23 juni 2025 houdende de benoeming van de leden van de GECORO.
De algemeen directeur werd bij gemeenteraadbesluit van 23 juni 2025 benoemd tot vast secretaris van de GECORO. Het mandaat van de heer Van den Heede als plaatsvervangend algemeen directeur bij het lokaal bestuur Sint-Martens-Latem eindigde in december 2025. Gezien de kennis van de heer Van den Heede over de werking van de GECORO, draagt het college van burgemeester en schepenen hem voor als vaste secretaris van de GECORO.
met 19 ja stemmen, 0 neen stemmen en 0 onthoudingen.
Artikel 1
Wordt benoemd tot vaste secretaris van de GECORO op voordracht van het college van burgemeester en schepenen: de heer Jef Van den Heede.
Art. 2
Dit besluit treedt in werking nadat de toezichttermijn, vermeld in artikel 332 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, is verstreken.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 201, meer bepaald artikel 41, 23°.
Beslissing van de Gemeenteraad van 12/10/2020 met betrekking tot 'Reglement (socio-)culturele verenigingen' (GR/2020/163).
Beslissing van de Gemeenteraad van 12/10/2020 met betrekking tot 'Reglement seniorenverenigingen' (GR/2020/164).
Beslissing van de Gemeenteraad van 12/10/2020 met betrekking tot 'Reglement milieu- en natuurverenigingen' (GR/2020/165).
Advies van de Gemeentelijke Raad voor Cultuurbeleid.
Advies van de Latemse Seniorenadviesraad.
Advies van de Gemeentelijke Adviesraad voor Milieu en Natuur van Sint-Martens-Latem.
Er bestaat een lange traditie dat het verenigingsleven financieel ondersteund wordt.
In de gemeenteraad van 12 oktober 2020 werden de reglementen goedgekeurd voor de betoelaging van de (socio)-culturele, de senioren en de milieu- en natuurverenigingen. De verenigingen dienden hun subsidieaanvraag in op basis van werkjaar september 2024 tot en met augustus 2025.
Naar toepassing van het 'Reglement (socio-)culturele verenigingen', goedgekeurd door de gemeenteraad op 12 oktober 2020 hebben de (socio-)culturele verenigingen op basis van hun werkjaar 2024-2025 in 2026 recht op:
| 11-groep Sint-Martens-Latem Deurle (11.11.11) | 775 euro |
| Amnesty International Sint-Martens-Latem | 360 euro |
| Andante Favore vzw | 260 euro |
| Confrérie Sint-Christoffel | 660 euro |
| Davidsfonds Latem-Deurle | 875 euro |
| Erfgoed Deurle | 900 euro |
| Ferm Deurle Latem | 600 euro |
| Fotoclub Latem | 685 euro |
| Gemengd Gregoriuskoor | 945 euro |
| Gezinsbond Deurle-Latem | 500 euro |
| Heemkring Scheldeveld | 550 euro |
| Kamerkoor Cum Gaudio | 1305 euro |
| Kantklosclub 't Francientje | 425 euro |
| Koninklijke Harmonie Willen Is Kunnen vzw | 1335 euro |
| Koninklijk Nationaal Verbond 'Elf November' afdeling Sint-Martens-Latem | 900 euro |
| Latems Creatief | 1660 euro |
| Latemse Kunstkring | 650 euro |
| LukiArt vzw | 1620 euro |
| Markant Latem-Deurle | 300 euro |
| PASAR Latem-Deurle | 845 euro |
| Samana | 1125 euro |
| Spellenclub Sint-Martens-Latem | 710 euro |
Naar toepassing van het 'Reglement seniorenverenigingen' van 12 oktober 2020 hebben de seniorenverenigingen op basis van hun werkjaar 2024-2025 in 2026 recht op:
| Bond 3de leeftijd Deurle | 525 euro |
| De Mariekes | 775 euro |
| Ic jeune mi daarin | 370 euro |
| Latem Troef | 625 euro |
| Phoenix Bridgeclub | 445 euro |
| Schaakclub Latem 2000 |
455 euro |
| VIEF |
230 euro |
| Latemse wijnclub |
400 euro |
Naar toepassing van het 'Reglement milieu- en natuurverenigingen' van 12 oktober 2020 hebben de milieu- en natuurverenigingen op basis van hun werkjaar 2024-2025 in 2026 recht op:
| Landelijke Gilde Deurle Latem | 700 euro |
| L.O.B. vzw (Leie Omgeving Beschermen) | 600 euro |
| Natuurpunt Kern Deurle-Latem | 600 euro |
De financieel directeur gaf gunstig advies op 18/12/2025 met adviesnummer 2025/12.246.
De uitgaven van 17985 euro voor de socio-culturele verenigingen worden geboekt op artikel GBB/0739-01/649900/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN.
De uitgaven van 3825 euro voor de seniorenverenigingen worden geboekt op artikel GBB/0959-00/649900/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN.
De uitgaven van 1900 euro voor de milieu- en natuurverenigingen worden geboekt op artikel GBB/0390-00/649900/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN.
Het opgeteld budget dat is voorzien op de 3 jaarbudgetrekeningen is voldoende om alle subsidies uit te betalen in 2026.
Gunstig visum 2025/12.246 van Financiële dienst van 18 december 2025
Artikel 1. Onderstaande (socio)-culturele verenigingen hebben op basis van het reglement van 12 oktober 2020 en rekening houdend met het werkingsjaar 2024-2025 in 2026 recht op:
| 11-groep Sint-Martens-Latem Deurle (11.11.11) | 775 euro |
| Amnesty International Sint-Martens-Latem | 360 euro |
| Andante Favore vzw | 260 euro |
| Confrérie Sint-Christoffel | 660 euro |
| Davidsfonds Latem-Deurle | 875 euro |
| Erfgoed Deurle | 900 euro |
| Ferm Deurle Latem | 600 euro |
| Fotoclub Latem | 685 euro |
| Gemengd Gregoriuskoor | 945 euro |
| Gezinsbond Deurle-Latem | 500 euro |
| Heemkring Scheldeveld | 550 euro |
| Kamerkoor Cum Gaudio | 1305 euro |
| Kantklosclub 't Francientje | 425 euro |
| Koninklijke Harmonie Willen Is Kunnen vzw | 1335 euro |
| Koninklijk Nationaal Verbond 'Elf November' afdeling Sint-Martens-Latem | 900 euro |
| Latems Creatief | 1660 euro |
| Latemse Kunstkring | 650 euro |
| LukiArt vzw | 1620 euro |
| Markant Latem-Deurle | 300 euro |
| PASAR Latem-Deurle | 845 euro |
| Samana | 1125 euro |
| Spellenclub Sint-Martens-Latem | 710 euro |
Art. 2. Deze uitgaven bepaald in artikel 1, met een totaal bedrag van 17.985 euro, worden geboekt op artikel GBB/0739-01/649900/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN.
Art. 3. Onderstaande seniorenverenigingen hebben op basis van het reglement van 12 oktober 2020 en rekening houdend met het werkingsjaar 2024-2025 in 2026 recht op:
| Bond 3de leeftijd Deurle | 525 euro |
| De Mariekes | 775 euro |
| Ic jeune mi daarin | 370 euro |
| Latem Troef | 625 euro |
| Phoenix Bridgeclub | 445 euro |
| Schaakclub Latem 2000 |
455 euro |
| VIEF |
230 euro |
| Latemse wijnclub |
400 euro |
Art. 4. Deze uitgaven bepaald in artikel 3 met een totaal bedrag van 3825 euro worden geboekt op artikel GBB/0959-00/649900/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN.
Art. 5. Onderstaande milieu- en natuurverenigingen hebben op basis van het reglement van 12 oktober 2020 en rekening houdend met het werkingsjaar 2024-2025 in 2026 recht op:
| Landelijke Gilde Deurle Latem | 700 euro |
| L.O.B. vzw (Leie Omgeving Beschermen) | 600 euro |
| Natuurpunt Kern Deurle-Latem | 600 euro |
Art. 6. Deze uitgaven bepaald in artikel 5 met een totaal bedrag van 1900 euro worden geboekt op artikel GBB/0390-00/649900/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder de artikelen 40, 41 tweede lid-13° en 304 par. 3.
Het decreet van 1 januari 2021 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten artikel 7, 8 en 9.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten.
Besluit van de Vlaamse regering 9 juli 2021 over lokaal beleid, samenwerking en subsidie BOA.
Voorontwerp wijzigingsdecreet BOA van 4 juli 2025.
Het decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten bepaalt in artikel 7, 8 en 9 dat elk lokaal bestuur een lokaal samenwerkingsverband BOA dient op te richten om alle relevante actoren te verzamelen, initiatieven te nemen en advies te geven omtrent beleidsmatige beslissingen. Dit om betrokkenheid en inspraak omtrent het thema te verhogen.
Er werd een lokaal samenwerkingsverband BOA Sint-Martens-Latem (LSV BOA) opgericht dat beschikt over een huishoudelijk reglement.
Dit huishoudelijk reglement werd opgesteld samen met het samenwerkingsverband en ter goedkeuring aan hen voorgelegd in december 2025.
Amendementen
Publieke stemming 'amendementen'
Met 7 stemmen voor (Bea Roos, Kristof Vanden Berghe, Marian De Clercq, Nicolas Bosschem, Lode Scheerder, Herman Vansintjan, Bart Vandesompele), 12 stemmen tegen (Filip Vanparys, Pieter Vanderheyden, Filip Christiaens, Peter Draulans, Louis Notte, Griet Embo, Rigo Van de Voorde, Zoé Suffys, Charlotte Lecluyse, Bart Colpaert, Peter Verplancke, Alain Meul)
Artikel 1. Het lokaal samenwerkingsverband BOA Sint-Martens-Latem wordt erkend voor de duur van de legislatuur 2025 - 2030.
Art. 2. Goedkeuring wordt verleend aan het huishoudelijk reglement.
Art. 3. Afschrift van dit besluit wordt gestuurd naar de voorzitter van het lokaal samenwerkingsverband BOA.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 41, tweede alinea, 12°.
Het gezin Pierre en Thérèse Naessens-Petit is in het bezit van originele schriften en een dichtbundel van Edgar Tant.
Zij wensen dit te schenken aan het lokaal bestuur.
De foto en achtergrond bij de manuscripten en dichtbundel is als bijlage bij dit agendapunt gevoegd.
De familie Naessens-Petit stelt geen bijzondere voorwaarden bij deze schenking.
De gemeentelijke raad voor cultuurbeleid (GRC) gaf positief advies op 3 januari 2026 om de schenking te aanvaarden en te bewaren in het depot van het kunstpatrimonium.
De GRC adviseert het lokaal bestuur enerzijds om in te staan voor de duurzame bewaring van de schenking, incl. procedures om de documenten uit het depot te nemen, transport en raadpleging van de documenten, en anderzijds om in te staan voor de publieke ontsluiting van de schenking.
De kosten verbonden aan deze schenking, zijn beperkt, namelijk het aankopen van bewaringsmateriaal.
Dit budget is beschikbaar op budgetcode 2026/GBB/0739-99/613200.
Enig artikel. De definitieve aanvaarding van de schenking van de dichtbundel en manuscripten van Edgar Tant wordt goedgekeurd.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 41, tweede alinea, 12°.
Johan Van Praet wenst het schilderij van Eduard De Clercq met als thema 'Leiebocht te Latem met treurwilg en meisje' (olieverf op doek) te schenken.
Het werk verbeeldt hetzelfde thema als het aquarel dat reeds deel uitmaakt van de collectie van het lokaal bestuur, namelijk de ‘Leiebocht te Latem met treurwilg’.
Foto's van het werk zijn te vinden als bijlage.
Er zijn geen voorwaarden verbonden aan de schenking. De schenker zou het echter op prijs stellen dat het werk wordt opgenomen in een tijdelijke tentoonstelling.
In maart en april 2026 zal een tentoonstelling lopen van Eduard De Clercq, naar aanleiding van zijn 30-jarig overlijden in de schaapstal van het gemeentelijk museum Gevaert-Minne.
De gemeentelijke raad voor cultuurbeleid gaf positief advies op 3 januari 2026 om de schenking te aanvaarden en adviseert om het schilderij, samen met het complementaire aquarel dat reeds deel uitmaakt van het gemeentelijk kunstpatrimonium, in de huldetentoonstelling op te nemen.
Aan deze schenking is een onrechtstreekse kost verbonden, namelijk het voorzien van budget voor restauratiewerken met het oog op publieke ontsluiting.
Aangezien het werk in goed staat is, zullen deze kosten beperkt zijn.
Dit budget is beschikbaar op budgetcode 2025/GBB/0739-03/613200/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN.
Enig artikel. De definitieve aanvaarding van de schenking van het schilderij van Eduard De Clercq met als thema 'Leiebocht te Latem met treurwilg en meisje' (olieverf op doek) wordt goedgekeurd.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40, §3 en artikel 41, 2°.
Vermits er een nieuw team klaarstaat om Jeugdhuis 't Zwaantje terug op te starten, is het wenselijk een overeenkomst - beperkt in tijd - goed te keuren tussen het Lokaal bestuur en het Jeugdhuis.
Artikel 1. Goedkeuring wordt verleend aan het samenwerkings- en subsidiereglement tussen lokaal bestuur Sint-Martens-Latem en het open jeugdwerkinitiatief Jeugdhuis 't Zwaantje.
Art. 2. Deze overeenkomst wordt als bijlage toegevoegd bij onderhavig besluit.
Art. 3. Het college van burgemeester en schepenen wordt gemachtigd de overeenkomst uit te voeren en op te volgen.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40
Het gemeenteraadsbesluit d.d. 15 december 2025 met betrekking tot de goedkeuring van het gemeentelijk meerjarenplan 2026-2031, meer bepaald beleidsdoelstelling 1, actieplan 1.1.
Het gemeentelijk meerjarenplan 2026-2031 beschrijft onder actieplan 1.1. dat het lokaal bestuur wil blijven investeren in een laagdrempelig, divers en inclusief aanbod omdat vrije tijd mensen samenbrengt.
De tafels in Centrum De Vierschaar en in de Brouwerijschuur werden vele jaren geleden aangekocht en hebben ondertussen hun beste tijd gehad. Velen kunnen niet meer stabiel opgesteld worden of zijn beschadigd aan één of meerdere zijden waardoor je je eraan kan kwetsen of je kledij schade kan oplopen. Bovendien gaat het om relatief zware tafels die moeilijk verplaatsbaar en opzetbaar zijn.
Aansluitend op de doelstelling geformuleerd in actieplan 1.1. van het meerjarenplan is het belangrijk een nieuwe investering te doen in lichtere tafels die gemakkelijk kunnen opgeborgen en verplaatst worden.
Art. 1: De gemeenteraad geeft opdracht aan het College van Burgemeester en Schepenen om, in het kader van het goedgekeurde meerjarenplan 2026-2031, over te gaan tot de aankoop van nieuwe, lichtere tafels die gemakkelijk kunnen opgeborgen en verplaatst worden voor minstens de gemeenschapszalen Centrum De Vierschaar en Brouwerijschuur in het kalenderjaar 2026.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 40, de gemeenteraad bepaalt het beleid van de gemeente.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 40,§1 en §2, de gemeenteraad bepaalt het beleid van de gemeente en kan daartoe algemene regels vastleggen.
Op de gemeenteraad van 24 maart 2025 werd door de Fractie LEF aangedrongen op het nemen van dringende snelheidsbeperkende maatregelen, dit vooral in deze straten van onze gemeente waar sinds de invoering in 2017 van de veralgemeende zone 30, nog steeds onaangepaste snelheden werden vastgesteld.
In antwoord op deze vraag bevestigde de bevoegde schepen dat er ondertussen door het College van Burgemeester en Schepenen een besluit was genomen om in bepaalde straten geschrankte cortenstalen bakken te plaatsen. Ook later werden door het College van Burgemeester en Schepenen nog bijkomende besluiten genomen om ook in andere straten over te gaan tot gelijkaardige opstellingen.
Ondertussen wordt de doelmatigheid van de plaatsing van deze bakken als snelheidsremmende maatregel sinds de zomer van 2025 geëvalueerd. De conclusies van deze evaluaties zullen in de toekomst.
Evenwel maken deze bakken ondertussen deel uit van ons straatbeeld en stellen we vast dat het onderhoud van de in deze bakken geplante planten veelal te wensen overlaat. Deze plantenbakken verworden zo tot onkruidbakken.
Het College van Burgemeester en Schepenen heeft ervoor gekozen om een duurzaam beleid te voeren waarbij biodiversiteit, ontharding maar ook participatie van groot belang zijn.
In verschillende gemeenten worden er zogenaamde “kruidenbakken” geplaatst waaruit buurtbewoners kruiden kunnen plukken en het onderhoud wordt verzorgd door bewoners, dit alles middels de opmaak van een ‘reglement kruidenbakken’.
Art. 1: Het College van Burgemeester en Schepenen onderzoekt in samenspraak met de inwoners van de betrokken straten of er een draagvlak is om in de in hun straat geplaatste bakken een project “kruidenbakken” op te starten waarbij de kruiden worden aangeleverd door het Lokaal Bestuur en het aanplanten/onderhoud van de kruiden georganiseerd wordt door enkele inwoners., dit middels de opmaak van een reglement ‘kruidenbakken’.
Namens Gemeenteraad,
Pieter Delbarge
Algemeen directeur
Filip Vanparys
Voorzitter