Raadslid Nicolas Bosschem vervoegt de zitting vanaf punt 5.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 32.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 32, 277 en 278.
Het zittingsverslag werd vervangen door een audio-opname die beschikbaar wordt gesteld op de website.
Enig artikel. Keurt de notulen en het zittingsverslag van de gemeenteraadszitting van 26 januari 2026 goed.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22/12/2017, in bijzonder artikel 40.
De wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 47 en artikel 129 (Gecentraliseerde aankoopactiviteiten en aankoopcentrales)
Gemeenteraadsbesluit van 27 januari 2025 betreffende aansluiting raamovereenkomst Stad Brugge licenties
Gemeenteraadsbesluit van 20 oktober 2025 betreffende aansluiting aankoopcentrale Stad Brugge loten desktopapparatuur en consultancy
Het lopende ICT-raamcontract van Stad Brugge, waar Sint-Martens-Latem op aangesloten was, is vervallen. Stad Brugge heeft ondertussen het raamcontract vernieuwd.
Het bestuur besliste in 2025 om opnieuw in te stappen in het nieuwe ICT-raamcontract van Stad Brugge, modules Desktopapparatuur en Consultancy, en licenties.
Nu is het laatste lot ook vernieuwd. Dit gaat over raamovereenkomst 5 met als loten:
| 05 Systeeminfrastructuur | 1 - Netwerkinfrastructuur | Inetum Belgium NV |
| 2 - Draadloze infrastructuur | Citymesh Integrator NV | |
| 3 - ICT servers-Storage | Inetum Belgium NV | |
| 4 - Securityinfrastructuur | NTT Belgium NV |
Via lot 1 en 3 voorziet het lokaal bestuur af te nemen op de overeenkomsten met Inetum. Onder perceel 2 Citymesh zit ook GDC Networks als onderaannemer waarmee het lokaal bestuur momenteel samenwerkt voor de uitrol van het nieuw netwerk. Voor lot 4 zijn er momenteel geen concrete plannen voor afname.
Het is dan ook aangewezen dat het lokaal bestuur aansluit op Raamcontract Stad Brugge om volgende redenen:
Enig artikel: De gemeente Sint-Martens-Latem treedt toe tot de door Stad Brugge gegunde raamovereenkomst ICT – 05 Systeeminfrastructuur, die betrekking heeft op vier percelen. Deze raamovereenkomst werd gegund aan de volgende leveranciers:
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22/12/2017, in bijzonder artikel 40 en 41.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22/12/2017.
Het Regiodecreet van 3/2/2023.
Gemeenteraadsbesluit van 15 september 2025 betreffende de toetreding tot de intergemeentelijke vereniging VENECO.
Op vraag van de gemeenten-vennoten neemt Veneco de rol op van ondersteuner en facilitator van de regiowerking. De invulling van die rol wordt uiteengezet in het Ondernemingsplan 2025-2030 van Veneco, dat werd aangenomen in de algemene vergadering van 12 juni 2025. De coördinatie en ondersteuning van de regiowerking wordt bij Veneco opgenomen door een stafmedewerker.
Doelstelling van de regiowerking is om ervaringen uit te wisselen tussen lokale besturen, expertise te delen, de belangen van de regio te behartigen en bijkomende financiering naar de regio te halen. Vaste fora zijn de burgemeestersoverleggen (respectievelijk Meetjesland en Leie-Schelde-Oostrand) en het Politiek Streekforum, waarbij Veneco instaat voor de voorbereiding, organisatie en opvolging. Daarnaast wordt op vraag van de lokale besturen ook gewerkt rond verschillende andere dossiers van subregionaal of regionaal belang.
Onder de noemer ‘regiowerking’ valt ook de ondersteuning door de stafmedewerkers Mobiliteit van Veneco inzake de vervoerregio Gent. In dat kader zijn ook operationele taken aan Veneco overgedragen, zoals het in de markt zetten van een fietsdeelsysteem voor de ganse vervoerregio of het begeleiden van de gemeenten bij het realiseren van Hoppin-punten.
Met dit besluit wordt de instap op deze dienstverlening aan de gemeenteraad voorgelegd. Conform het Ondernemingsplan en het financieel model van Veneco gebeurt de formalisering met een beslissing van de Raad van Bestuur van Veneco (genomen in zitting van 3 december 2025) en van de gemeenteraden van de lokale besturen.
De bijdrage voor het dienstverleningspakket ‘regiowerking’ werd door de Raad van Bestuur vastgesteld op 0,45 euro per inwoner, jaarlijks te indexeren met 2%. Dit bedrag omvat de personeels- en werkingskosten en de toegewezen overheadkosten. Het detail van de berekening is terug te vinden in het uittreksel van de Raad van Bestuur in bijlage. De kredieten werden voorzien in de meerjarenbegroting.
De voor een dienstjaar begrote kosten worden na de afsluiting van de boekhouding van Veneco vergeleken met de reële kosten. Het verschil ontstaan in boekjaar n wordt verrekend in het boekjaar n+1.
De financieel directeur gaf gunstig advies op 29/01/2026 met adviesnummer 2026/01.19.
Jaarbudgetrekening 2026/GBB/0610-00/649900/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN
Gunstig visum 2026/01.19 van Financiële dienst van 29 januari 2026
Artikel 1. De gemeenteraad beslist om voor de periode 2026-2031 in te tekenen op het dienstverleningspakket ‘regiowerking’ aangeboden door Veneco.
Art. 2. De gemeenteraad gaat akkoord met de uitbetaling van de jaarlijkse gemeentelijke bijdrage van 0,45 euro per inwoner (bedrag voor 2026, jaarlijks te indexeren met 2%).
Art. 3. Een afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan Veneco, Panhuisstraat 1, 9070 Destelbergen.
De wet van 24 juni 1988 betreffende de gemeentewet, artikel 119bis
De wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, artikel 2 §1 en §2, artikel 3, 3°, artikel 4, §1 en artikel 4, §4.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikel 40 § 3
De wet van 24 juni 1988 betreffende de gemeentewet, artikel 135, § 2.
De wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.
Het koninklijk besluit betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen bedoeld in artikel 3, 3° van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.
Het gemeenteraadsbesluit van 14 december 2015.
Het Koninklijk Besluit van 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen betreffende het stilstaan en parkeren en voor de overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen, werd recent aangepast (publicatie in BS van 23 januari 2026). Hierdoor dient het GAS-reglement Schelde-Leie, dat van toepassing is op de drie gemeenten van de politiezone Schelde Leie te worden gewijzigd.
Het gewijzigde GAS-reglement wordt voorgelegd aan de politieraad van 19 februari 2026 ter advies. Dit advies wordt nadien toegevoegd aan dit agendapunt.
Deze wijziging wordt ook doorgevoerd in Gavere, Nazareth en De Pinte, zodat het GAS-reglement in de hele politiezone uniform blijft.
Artikel 1. Goedkeuring wordt verleend aan het gewijzigde GAS-reglement dat is opgenomen als bijlage en integraal deel uitmaakt van dit besluit.
Art. 2. Dit reglement wordt van kracht op 1 maart 2026.
Art. 3. Afschrift van dit besluit wordt gestuurd naar de Gouverneur van de Provincie Oost-Vlaanderen, aan de Voorzitter van het Politiecollege en aan de Procureur des Konings te Gent.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur in het bijzonder artikel 34 alinea 1-2°lid en artikel 41 alinea 2-4°.
Het decreet van 22december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder deel 3-titel 1 over deelname van de gemeente in rechtspersonen.
De statuten van de vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei.
De huidige samenwerkingsovereenkomst rond het Parkbos loopt af eind 2025. In het kader van een nieuwe overeenkomst wordt voorgesteld om de nieuwe parkboscoördinator onder te brengen bij vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei (RLML). Dit vereist dat alle betrokken partners (Nazareth–De Pinte, Gent en Sint-Martens-Latem) toetreden tot het regionaal landschap.
Om te vermijden dat deze toetreding leidt tot een financiële meerkost voor Sint‑Martens‑Latem, stelde gouverneur Carina Van Cauter voor om de jaarlijkse bijdrage van het lokaal bestuur aan de Parkbos-coördinatie te verlagen van 10.000 euro naar 7.500 euro. De vrijgekomen middelen dekken bijna volledig de jaarlijkse ledenbijdrage bij het Regionaal Landschap, geraamd op 0,32 euro per inwoner in 2026. Op basis van het inwonersaantal van 8.149 in 2025 bedraagt deze bijdragesom 2.607,68 euro.
Concreet betaalt het lokaal bestuur dus ook in de toekomst ongeveer 10.000 euro per jaar voor de inzet van een parkboscoördinator, maar wordt het hiermee tegelijkertijd automatisch lid van vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei. Door deze aansluiting kan Sint‑Martens‑Latem bovendien gebruikmaken van het volledige dienstenaanbod van het regionaal landschap.
Die dienstverlening bestaat uit 4 pijlers:
De toetreding van het lokaal bestuur wordt op de algemene vergadering van vzw regionaal landschap Meetjesland en Leievallei geagendeerd van 2 april 2026.
met 18 ja stemmen, 0 neen stemmen en 0 onthoudingen.
Artikel 1. De raad gaat akkoord met de toetreding tot Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei en de bijbehorende jaarlijkse bijdrage van 0,32 euro per inwoner (gekoppeld aan de index).
Art. 2. De heer Filip Vanparys, woonachtig in Tussen Beken 22, 9830 Sint-Martens-Latem, wordt aangeduid als lid van de algemene vergadering van Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei.
Art. 3. De heer Herman Vansintjan, woonachtig in Hubert Malfaitlaan 11, 9830 Sint-Martens-Latem, wordt aangeduid als plaatsvervangend lid van de algemene vergadering van Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei.
Art.4. Een afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei vzw Oostveldstraat 91, bus 4 9900 Eeklo.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 40.
De wet betreffende de onbevaarbare waterlopen van 28 december 1967 zoals gewijzigd bij de decreten van 28 februari 2014, 26 april 2019, 24 juni 2022 en 26 april 2024.
Waterlopen die een belangrijke afwateringsfunctie vervullen, worden opgenomen in de atlas van de onbevaarbare waterlopen. Deze atlas werd voor het eerst opgesteld in 1967. Grachten met een opwaarts stroomgebied van meer dan 100 hectare werden toen gerangschikt als waterloop. Na latere aanpassingen in de wetgeving werd het ook mogelijk om waterlopen te rangschikken om andere redenen, zoals de lozing van afvalwater of een sterke toename van het debiet, bijvoorbeeld door de afwatering van grote verharde oppervlakten.
Wanneer een gracht wordt gerangschikt als waterloop of publieke gracht, ligt de verantwoordelijkheid voor beheer en onderhoud niet langer bij de aangelanden, maar bij de bevoegde waterloopbeheerder.
Waterlopen worden onderverdeeld in bevaarbare en onbevaarbare waterlopen. Dit agendapunt heeft uitsluitend betrekking op de onbevaarbare waterlopen. Deze worden ingedeeld in drie categorieën:
Eerste categorie: de delen van onbevaarbare waterlopen stroomafwaarts van het punt waar het waterbekken minstens 5.000 hectare bedraagt.
Tweede categorie: de onbevaarbare waterlopen of delen ervan die niet onder de eerste of derde categorie vallen.
Derde categorie: de onbevaarbare waterlopen of delen ervan stroomafwaarts van het punt waar het waterbekken minstens 100 hectare bedraagt, tot aan de grens van de gemeente waar de oorsprong zich bevindt, of tot aan de uitmonding in een bevaarbare waterloop of een onbevaarbare waterloop van eerste of tweede categorie.
In 2019 werd het statuut van ‘publieke gracht’ toegevoegd aan de wet op de onbevaarbare waterlopen van 1967. Hierdoor kunnen steden en gemeenten het beheer van bepaalde grachten opnemen wanneer zij dit nuttig achten voor het watersysteem. In Sint-Martens-Latem komen geen onbevaarbare waterlopen van eerste categorie voor. Waterlopen van tweede categorie worden beheerd door de provincie, terwijl waterlopen van derde categorie en publieke grachten onder het beheer van de stad of gemeente vallen.
De provincie Oost-Vlaanderen en de gemeente Sint-Martens-Latem hebben gezamenlijk onderzocht welke grachten een statuut als waterloop of publieke gracht nodig hebben. Dit overleg resulteerde in een voorstel tot herinschaling van enkele grachten. Volgende waterlopen worden voorgesteld om te wijzigen van categorie 3 naar categorie 2:
Waterloop 0714a (Biezenlos), van de bron tot aan de monding in waterloop 0714 (Nazarethbeek/Rosdambeek).
Waterloop 0714 (Nazarethbeek/Rosdambeek), van de bron tot aan de Westerplas. Stroomafwaarts was deze waterloop reeds ingedeeld als tweede categorie, waardoor het traject vanaf de bron tot aan de grens met de stad Gent volledig in categorie 2 wordt opgenomen.
Waterloop 0715 (Kuisloop), vanaf de Jef De Belderlaan tot aan de monding in waterloop 0714.
Waterloop 0719 (Kuisloop), van de Pontstraat tot aan de monding in de Leie.
Waterloop 0723 (Meersbeek), vanaf de Baarlefrankrijkstraat tot aan de monding in de Leie.
Het doel van deze herinschaling van derde naar tweede categorie is tweeledig. Enerzijds wordt het structureel onderhoud van belangrijke onbevaarbare waterlopen op het grondgebied van Sint-Martens-Latem toevertrouwd aan een gespecialiseerde overheid die hiervoor de nodige middelen en expertise kan inzetten. Anderzijds kan de gemeente de vrijgekomen middelen aanwenden voor het onderhoud van waterlopen van derde categorie, publieke grachten en baangrachten, met het oog op een doeltreffende waterhuishouding.
Dit besluit wordt ter advies voorgelegd aan de Raad en wordt, na goedkeuring door de Provincieraad, ter goedkeuring aan de gemeenteraad voorgelegd.
Artikel 1. De Raad verleent een gunstig advies aan de herinschaling in tweede categorie en overdracht aan de provincie van de hierna genoemde onbevaarbare waterlopen categorie drie:
Art. 2. Onderhavig besluit wordt voor verder gevolg gestuurd naar de Provincie Oost-Vlaanderen – Dienst Integraal Waterbeleid te Gent.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 40.
De wet betreffende de onbevaarbare waterlopen van 28 december 1967 zoals gewijzigd bij de decreten van 28 februari 2014, 26 april 2019, 24 juni 2022 en 26 april 2024.
Met het oog op een adequate waterhuishouding is het van belang dat de delen van de onbevaarbare waterlopen die niet aan de provincie worden overgedragen regelmatig worden onderhouden en dat het gemeentebestuur hiervoor de verantwoordelijkheid neemt.
Artikel 1. De afschaffing van de hierna genoemde (delen) van onbevaarbare waterlopen categorie drie en omschaling tot publieke gracht wordt gunstig geadviseerd:
Art. 2. Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met een openbaar onderzoek gedurende een periode van 30 dagen.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40.
Beslissing gemeenteraad 18/11/2019 (GR/2019/236): Diverse cultuurprijzen - bevestiging reglementen: goedkeuring.
Naast de beeldende kunst krijgt ook cultuur in de brede zin van het woord de nodige appreciatie in Sint-Martens-Latem.
Dit komt tot uiting in vier cultuurprijzen, namelijk de Barbaixprijs voor fotografie, de Binusprijs voor het lokale cultuurleven, de Karel van de Woestijneprijs voor poëzie en de Lieven Duvosel Muziekprijs.
Het lokaal bestuur besloot in 2006 om de Lieven Duvosel Muziekprijs uit te reiken. De prijs is genoemd naar Lieven Duvosel, componist, pianist, orkest- en koorleider, die in 1956 in Sint-Martens-Latem overleed. Hij componeerde talrijke liederen, symfonieën en cantaten, en is het meest bekend door zijn Leiecyclus: een muzikale ode aan de rivier.
Sint-Martens-Latem streeft ernaar om muziek deel te laten uitmaken van haar culturele identiteit. Door middel van allerlei initiatieven in het muziekjaar 2026 wil het lokaal bestuur de rijke traditie van muziek in Sint-Martens-Latem voortzetten. Via de Lieven Duvosel Muziekprijs kan Sint-Martens-Latem zich nationaal profileren als een dynamisch kunstenaarsdorp, waar niet alleen beeldende kunst, maar ook muziek erkend wordt.
Een werkgroep binnen de gemeentelijke raad voor cultuurbeleid is betrokken bij de organisatie van de Lieven Duvosel Muziekprijs en bij de opmaak van het reglement.
De uitreiking van de 6de editie is gepland op zondag 22 november 2026 om 11 uur in de raadzaal van het gemeentehuis.
De financieel directeur gaf visum op 04/02/2026 met als visumnummer 2026/01.21.
Er is voldoende budget voorzien op volgende budgetcodes:
2026/GBB/0739-02/613200/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN (Technische benodigdheden)
2026/GBB/0739-02/615500/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN (Receptie- en representatiekosten)
2026/GBB/0739-02/616140/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN (Auteursrechten)
2026/GBB/0739-02/616150/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN (Presentiegelden van jury)
2026/GBB/0739-02/649900/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN (Toelagen aan de de 2 winnende koren)
Aan deze prijs is een bedrag van 2500 euro verbonden.
Gunstig visum 2026/01.21 van Financiële dienst van 04 februari 2026
Artikel 1. De Raad keurt het reglement van de Lieven Duvosel Muziekprijs 2026 goed. Het reglement wordt als integrale bijlage bij dit besluit gevoegd.
Art. 2. De juryvoorzitter ontvangt een forfaitair bedrag van 450 euro, de juryleden ontvangen een forfaitair bedrag van 300 euro, exclusief verplaatsingsvergoedingen.
Art. 3. Het college van burgemeester en schepenen is verantwoordelijk voor de verdere uitvoering van het reglement.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40, §1.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder deel 3 - titel 3 over de intergemeentelijke samenwerking.
Tijdens de eerste bestuursvergadering van 2026, die plaatsvond op 21 januari in de Farmfabriek in Deinze, keurde de Raad van Bestuur van Cultuurregio Leie Schelde de drie beleidsplannen en de meerjarenbegroting goed. Deze documenten bepalen de koers van het intergemeentelijk samenwerkingsverband (IGS) voor de komende beleidsperiode. Het verslag van deze vergadering is als bijlage toegevoegd.
Op 1 april 2026 moeten de drie beleidsplannen worden ingediend bij het Departement Cultuur van de Vlaamse overheid om de werking van de projectvereniging Cultuurregio Leie Schelde vanaf 2027 te kunnen verderzetten. Om voldoende lokale gedragenheid en het engagement van de deelnemende besturen aan te tonen, vraagt de Raad van Bestuur dat deze documenten ook ter goedkeuring worden voorgelegd aan de gemeenteraden. Dit versterkt bovendien de verklaring op eer die elke burgemeester voor Vlaanderen moet ondertekenen.
Voor de voortzetting van de bovenlokale cultuurwerking, die sinds 2020 bestaat, werd de Cultuurnota 2027–2032 opgesteld en goedgekeurd. Een nieuw onderdeel van deze werking is de oprichting van het Bovenlokaal Netwerk Vrijetijdsparticipatie, waarvoor het Actieplan 2027–2032 werd uitgewerkt. Ten slotte werd, voor het verderzetten van het bovenlokaal cultureel-erfgoedbeleid dat sinds de oprichting van de Erfgoedcel Leie Schelde in 2013 bestaat, het Doelstellingenkader 2027–2032 opgesteld. Deze drie documenten zijn als bijlagen toegevoegd.
Daarnaast worden ook de financiële scenario’s voor de toekomstige werkingen als bijlage meegedeeld.
Artikel 1. De Raad keurt de Cultuurnota 2027-2032, het Actieplan voor het bovenlokaal netwerk vrijetijdsparticipatie 2027-2032 en het Doelstellingenkader Erfgoedcelwerking 2027-2032 van de cultuurregio Leie Schelde goed.
Art. 2. De Raad onderschrijft de wenselijke ondersteuning vanuit de Cultuurregio met betrekking tot specifieke lokale noden zoals: het netwerk van derde plekken en makersplekken, de depotnoden en collectiezorgtrajecten (visievormingsoefening rond het Documentatie- en Archiefcentrum (DAC) en Villa Juliana en de specifieke kunstcollecties (incl. kunstboekencollecties)).
Art. 3. Afschrift van dit besluit wordt gestuurd naar de intergemeentelijke projectvereniging Cultuurregio Leie Schelde.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder de artikelen 40, 41 tweede lid-13° en 304 par. 3.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten.
Besluit van de Vlaamse regering 9 juli 2021 over lokaal beleid, samenwerking en subsidie BOA.
Voorontwerp wijzigingsdecreet BOA van 4 juli 2025.
Goedkeuring wijzigingsbesluit BOA op 23 januari 2026.
Oprichting Lokaal samenwerkingsverband BOA gemeenteraad 26 januari 2026.
De Vlaamse overheid streeft naar een geïntegreerd aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) voor kinderen en gezinnen. Dat wil zeggen dat alle lokale spelers (Onderwijs, Welzijn, Cultuur, Jeugd en Sport …) zo goed mogelijk samenwerken. Het lokaal bestuur heeft de regie in handen en stippelt met de verschillende partners een lokaal buitenschools beleid uit. Hoe een lokaal bestuur dat moet doen, wordt bepaald in het BOA-decreet.
Het decreet heeft drie doelstellingen:
De geleidelijke uitrol van het BOA-decreet ging in 2021 van start maar het decreet werd in 2025 nog grondig gewijzigd. De overgangstermijn tot 1 september 2026 geeft lokale besturen de nodige tijd om een lokaal BOA-beleid uit te tekenen.
Samen met het lokaal samenwerkingsverband geeft het lokaal bestuur de doelstellingen een lokale invulling: Welke noden en interesses hebben de kinderen en gezinnen in onze gemeente of stad? Welk aanbod van BOA is er al? Wanneer en waar is er bijkomend aanbod nodig? Hoe moet dat aanbod eruit zien? Welke acties gaan we hiervoor ondernemen? Waar kunnen interessante samenwerkingen ontstaan?
Het decreet vraagt bijzondere aandacht voor kleuteropvang, kwetsbare gezinnen, kinderen met een specifieke zorgbehoefte en het multifunctioneel gebruik van infrastructuur.
Op 1 september 2026 eindigt de overgangstermijn en gaan de lokale besturen met hun partners effectief aan de slag.
Hiervoor werkte Sint-Martens-Latem een erkenningskader uit om te bepalen wie beroep kan doen op welke ondersteuning en om de BOA-middelen te kunnen verdelen. Dit werd gedaan in samenwerking met het lokaal samenwerkingsverband BOA en ter goedkeuring aan hen voorgelegd in januari 2026.
Het erkenningsreglement werd opgedeeld in 2 rubrieken: opvangaanbod op school en vakantieaanbod.
Binnen elke categorie wordt dieper ingegaan op volgende aspecten:
Artikel 1. De Raad keurt het Erkenningsreglement Buitenschoolse Opvang en Activiteiten (BOA) goed. Het reglement maakt integraal deel uit van dit besluit als bijlage.
Art. 2. Het erkenningsreglement treedt in werking op 1 september 2026.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikelen 40 en 41.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikelen 388 tot en met 395;
het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, artikelen 125bis tot en met 125quaterdecies;
Het gemeenteraadsbesluit van 25 mei 2025 betreffende de verlenging van de huidige scholengemeenschap De PLaNeTen voor de periode van 1 september 2020 tot 31 augustus 2026 in de vorm van een interlokale vereniging de vorming van de huidige scholengemeenschap De PLaNeTen.
Een schoolbestuur kan in het kader van de organisatie van zijn basisonderwijs beslissen om met zijn scholen een scholengemeenschap te vormen met scholen van andere schoolbesturen. Een overeenkomst tussen de betrokken schoolbesturen regelt de organisatie en de werking van de scholengemeenschap.
Een intergemeentelijke scholengemeenschap moet de vorm van een interlokale vereniging zonder rechtspersoonlijkheid (met een overeenkomst met statutaire draagkracht) of een interlokale onderwijsvereniging met rechtspersoonlijkheid (met statuten) aannemen.
Op heden maken de scholen van het eigen schoolbestuur deel uit van de scholengemeenschap ‘De PLaNeTen’.
Het schoolbestuur wil een nieuwe scholengemeenschap (Polaris+) vormen in de vorm van een interlokale vereniging zonder rechtspersoonlijkheid voor de in de regelgeving voorziene periode van zes jaar, van 1 september 2026 tot 31 augustus 2032, met de volgende eigen scholen en de volgende scholen van andere schoolbesturen:
- 24349 Gemeentelijke Basisschool ‘De Vierklaver A’ Asper
- 24646 Gemeentelijke Basisschool Sint-Martens-Latem
- 24679 Gemeentelijke Lagere School ‘ ’t Wilgennest’ Landegem
- 27151 VBSBO Ten Dries Landegem
- 129131 Gemeentelijke Basisschool ‘De Vierklaver BG’ Baaigem en Gavere
- 131953 Gemeentelijke Basisschool ‘De Vaart’ Nevele
- 131987 Gemeentelijke Basisschool Deurle
De voorgenomen beslissing voldoet aan de decretale vereisten:
- de scholengemeenschap bevat zowel kleuter- als lager onderwijs;
- de scholengemeenschap telt op de eerste schooldag van februari 2026 1537 leerlingen;
- de scholengemeenschap strekt zich uit over de volgende aangrenzende onderwijszones: Deinze (27), Gent (30) en Oudenaarde (34).
De scholengemeenschap valt mee onder de verantwoordelijkheid en het hiërarchisch toezicht van het betrokken schoolbestuur.
De beslissing voldoet aan de voorwaarden vermeld in art. 21 van het decreet van 2 april 2004 betreffende participatie op school en de Vlaamse Onderwijsraad.
Op 5 februari 2026 heeft het overleg in de schoolraad plaatsgevonden (het verslag met alle standpunten is opgenomen als bijlage) en het gemeentebestuur volgt het resultaat.
De beslissing voldoet aan de voorwaarden vermeld in art. 11 van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel.
Op 9 februari 2026 heeft het overleg in het Hoog Overlegcomité (HOC) plaatsgevonden en dit heeft geleid tot een gemotiveerd advies (het advies is opgenomen als bijlage) en het gemeentebestuur volgt het advies.
Geheime stemming 'lid beheerscomité'
met 18 ja stemmen, 0 neen stemmen en 0 onthoudingen.
Geheime stemming 'vervangend lid beheerscomité'
met 18 ja stemmen, 0 neen stemmen en 0 onthoudingen.
met 18 ja stemmen, 0 neen stemmen en 0 onthoudingen.
met 18 ja stemmen, 0 neen stemmen en 0 onthoudingen.
Artikel 1. De Raad keurt de uitstap uit de scholengemeenschap ‘De PLaNeTen’ met ingang van 1 september 2026 goed voor volgende scholen:
Art. 2. De Raad keurt de overeenkomst inzake scholengemeenschap ‘Polaris+’ in de vorm van een interlokale vereniging zonder rechtspersoonlijkheid, zoals opgenomen in de bijlage en integraal deel uitmakend van dit besluit goed.
Art. 3. De Raad keurt de instap van de volgende scholen van het schoolbestuur in de nieuw te vormen scholengemeenschap 'Polaris+' voor de in de regelgeving voorziene periode van zes jaar, van 1 september 2026 tot 31 augustus 2032 goed:
Art. 4. De heer Filip Christiaens, schepen van onderwijs, wordt aangeduid als effectief lid van het beheerscomité. De heer Pieter Vanderheyden, burgemeester, wordt aangeduid als plaatsvervangend lid.
Namens Gemeenteraad,
Pieter Delbarge
Algemeen directeur
Filip Vanparys
Voorzitter